Staal No. 0995:Mantsjoerijse kers
Botanische naam:Prunus maackii Rupr.
Familie:Rosaceae
Nat. verspr. geb.:Mantsjoerije, Korea en aangrenzende delen van Rusland
Herkomst monster:Hemmen (Gelderland)
Vol. massa:510 kg/m3
Andere namen:Manchurian Cherry, Amur Chokeberry (Eng.)
Algemeen:Een snelgroeiende, kleine boom tot ca. 10 m hoog met een ronde kroon en een opvallende, glanzende, koperkleurige bast, bezet met lange, horizontale lenticellen. In het voorjaar draagt hij lange aren witte bloesem, als de Vogelkers (Prunus padus, NEH. nr. 773), in het najaar kleine, droge, zwarte vruchten, die snel door de vogels gegeten worden. Het is één van de meest winterharde sierkersen. Hij is zeer zelden in cultuur.
Techn. gegevens:In zijn natuurlijk verspreidingsgebied is zijn hout niet wezenlijk anders dan andere Prunus-soorten. Het kernhout van dit snelgegroeide cultuur exemplaar is oranje van kleur en steekt niet scherp af tegen het grijs-witte, één jaarring brede spint. De draad is recht, de nerf tamelijk fijn. De vezel is tamelijk lang, waardoor het zowel nat als droog lastig bewerkt (wollig). Hierdoor lijkt het veel op Populieren. Het droogt gemakkelijk zonder scheuren. Het hout heeft een zoetige geur. Het is niet duurzaam.
Gebruik:De boom als siergewas om zijn opvallende bast. Het hout als dat van andere Prunus-soorten, zoals bijv. klein meubilair, draaiwerk, enz.
Opmerking:Synoniemen: Cerasus glandulifolia (Rupr. et Maxim.) Kom., Padus maackii (Rupr.) Kom.
[pakket ALV, maart 2006]

afdrukken        venster sluiten