Staal No. 1021:Limba bariolé, Fraké
Botanische naam:Terminalia superba Engl. & Diels
Familie:Combretaceae
Nat. verspr. geb.:West-Afrika, van Sierra Leone tot in Angola
Herkomst monster:West-Afrika
Vol. massa:(480-) 550 (-650) kg/m3 (luchtdroog)
Algemeen:Een 40 - 50 m hoge boom met een rechte, takvrije stam tot 30 m lang, een diameter van 0,6 - 1,2 m en plankwortels tot ca. 2,5 m hoog. Stammen met een grote diameter kunnen een voos hart hebben. Ook kan Limba reeds op stam worden aangetast door houtboorders. Als een soort afweerreactie van de boom vormt het hout hierop een plaatselijke verkleuring in de vorm van bruinachtige of zwarte vlammen. Het geschaafde hout vertoont dan donkere aderen en afwisselend lichte en donkere vlekken (bariolé = bont). Ter onderscheiding: niet verkleurd hout (egaal grijs-geel) heet Limba clair; volledig verkleurd hout (olijf-grijze tot bruin-zwarte valse kern, zeldzaam) heet Limba noir (verg. resp. NEH. nrs. 217 en 217-I).
Techn. gegevens:Onaangetast kernhout is grijs-geel van kleur en verschilt nauwelijks van het tot 150 mm brede spint. De draad is recht tot zwak golvend, de nerf is matig grof tot grof. Het moet direct en snel worden gedroogd. Het is gemakkelijk te bewerken, maar moeilijk glad af te werken door een harig oppervlak. Het is niet sterk, matig hard, matig zwaar en het splijt gemakkelijk (voorboren!). Het is weinig duurzaam.
Gebruik:Dit geaderde hout soms voor decoratieve doeleinden, maar meer voor blindhout. Algemeen: voor meubelen, binnenbetimmeringen, lijsten, trapleuningen, gietmodellen, (geschild) fineer en multiplex.
[pakket ALV, april 2007]

afdrukken        venster sluiten