Staal No. 1063:Sabah kapur, Kapur bukit, K. ranggi, K. merah
Botanische naam:Dryobalanops beccarii Dyer
Familie:Dipterocarpaceae
Nat. verspr. geb.:Noordelijk Borneo
Herkomst monster:Noord-Borneo (Sabah)
Vol. massa:600 - 710 kg/m3 bij 15 % vochtgehalte
Algemeen:Dryobalanops is een geslacht met 7 soorten, alle voorkomend in Z.O.-Aziƫ. Een bekende soort is D. aromatica C. F. Gaertn., Kapur of Borneo kamferhout, NEH.nr. 049). D. beccarii is een grote tot zeer grote boom tot 50 (- 65) m hoog met een rechte, vaak lange, foutvrije, tot 1 m dikke stam. Hij komt niet algemeen voor, maar wel plaatselijk vrij overvloedig. Hij groeit op schrale zandgronden tot 700 m boven zeeniveau.
Techn. gegevens:Het kernhout is roze-rood tot bleekgeel van kleur en steekt duidelijk en scherp af tegen het helder geel-bruine spint. De draad is recht tot licht kruisdradig, de nerf tamelijk grof tot grof. Het is de zachtste en lichtste Kapursoort. Het heeft een duidelijk zichtbare etagebouw (van parenchym en grondweefsel). Het hout is zonder moeilijkheden te drogen, maar heeft daarbij wel neiging tot scheuren en vervormen, bij een matige tot hoge krimp. In gebruik is de werking groot. Vers verspreidt het een kamferachtige geur die na verloop van tijd nagenoeg verdwijnt. Het hout is tamelijk gemakkelijk te bewerken, hoewel droog moeilijker dan nat. Door de aanwezigheid van silica wordt het gebruik van zaagbladen met hardmetalen punten aanbevolen. Het is goed te schaven, te boren en te draaien, maar lastig glad af te werken. Het is matig tot tamelijk duurzaam. Het is bestand tegen schimmels, maar niet tegen termieten.
Gebruik:Algemeen constructiehout voor gebruik onder dak, vnl. in het gebied van herkomst, mits in omstandigheden vrij van termieten. Verder voor meubilair, betimmeringen, stutten, mijnhout, kisten, kratten, handgrepen, speelgoed, en grafkisten. Verduurzaamd voor steigerplanken, bruggen, scheepsbouw, wagens en dwarsliggers. Geschild voor plaatmateriaal.
[pakket 122, december 2009]

afdrukken        venster sluiten