Staal No. 1103:Boscacao
Botanische naam:Pachira affinis (Mart.) Decne.
Familie:Bombacaceae
Nat. verspr. geb.:Tropisch Amerika
Herkomst monster:Botanische tuin T.U. Delft (tropische kas)
Vol. massa:(275 -) 335 (- 420) kg/m3 (bij 8 % vocht, aan de monsters gemeten)
Andere namen:Bombax affine Ducke
Algemeen:Het geslacht Pachira is zeer nauw verwant aan het geslacht Bombacopsis (Saqui-saqui, B. quinata, NEH.nr. 850) en wordt vaak als één geslacht beschouwd. Het omvat dan ca. 20 soorten. Dit is een soort met een enigszins omstreden status; sommige bronnen stellen het synoniem met Pachira glabra Pasq. (syn. Bombacopsis glabra (Pasq.) Robyns). Het is een kleine, maar snelgroeiende boom met een ruwe, rood-bruin gestreepte, vezelige bast. Het blad is handvormig samengesteld uit 5 - 7 deelblaadjes. De bloemen zijn zeer licht van kleur, geurig, vrij groot, en bestaan hoofdzakelijk uit de honderden meeldraden. Vrucht als van de cacaoboom, met 10 - 20 bolvormige, kastanje-achtige zaden.
Techn. gegevens:Het hout is creme-wit van kleur en waarschijnlijk alleen spint. De draad is recht, de nerf matig grof. Het is zacht. Het hout droogt snel zonder scheurvorming, met weinig krimp en weinig vervorming. Het moet ook snel worden gedroogd i.v.m. schimmelvorming. Het hout is zeer gemakkelijk te bewerken, waarbij het snel een iets wollig of vezelig oppervlak krijgt. Het is goed te lijmen en te schuren, maar blijft dof. Het hout is niet duurzaam en wordt zeer snel door schimmels aangetast.
Gebruik:De boom om zijn sierwaarde, als straatboom en als schaduwboom in cacaoplantages. De zaden zijn geroosterd eetbaar. Het hout voor lichte toepassingen zoals kisten, kratten, speelgoed.
[pakket ALV, maart 2010]

afdrukken        venster sluiten