Staal No. 1139:Boeddha bamboe (Ned.), Fo du zhu (Chin.), Buddha?s-Belly bambu (Eng.)
Botanische naam:Bambusa ventricosa McClure
Familie:Graminae (nu Poaceae), onderfamilie Bambusoideae
Nat. verspr. geb.:Guangdong, China
Herkomst monster:Bot. Tuin T.U. Delft
Vol. massa:305 kg/m3 bij 12 % vochtgehalte
Algemeen:Bambusa is een geslacht met ca. 120 soorten. Wereldwijd bestaan ca. 1300 bamboesoorten, in hoogte variërendvan 0,15 – 35 m. Het maakt deel uit van de grassenfamilie, waarin bamboe zich onderscheidt door de speciale, verhoute structuur van de stengel (er wordt niet gesproken van een stam), de lengte van de stengel en het bijzondere bloeigedrag. De stengel is het meest gebruikte deel van de plant. Zijn eigenschappen zijn: hol (tussen de knopen), sterk en buigzaam. Hierdoor is het een licht bouwmateriaal. De stengel bestaat uit ca. 10 mm lange cellulosevezels, vermengd met lignine en silicaten. De lange vezel zorgt voor de sterkte, de silicaten (kiezel) zorgen voor de duurzaamheid. Bamboe kent geen diktegroei. De dikte varieert tussen enkele mm en ca. 0,3 m, de lengtegroei van de stengel is doorgaans hoog (van enkele mm tot 1 m (!) per dag), beide afhankelijk van de soort.
Deze bamboesoort wordt in de volle grond ca. 8 m hoog en heeft donkergroene stengels met een buikflesvorm tussen de knopen. Wanddikte is 4 - 12 mm. Het blad is middelgroen, langwerpig en ca. 80 - 150 mm lang.
Techn. gegevens:Gedroogd bamboe is lichtbruin van kleur. Tijdens het drogen krimpt het weinig en na het drogen gedraagt het zich stabieler dan de meeste houtsoorten. Het laat zich bewerken als hout (zagen, vlakken, draaien en schuren). Het is hard in verhouding tot zijn gewicht. Het is goed te lijmen. Het is niet duurzaam. In een vochtige omgeving slaat schimmel snel toe, maar het wordt niet aangetast door insecten.
Gebruik:Door zijn gebogen vormen wordt het hout van deze bamboe niet gebruikt. De soort dient als siergewas en kamerplant.
[pakket ALV, maart 2013]

afdrukken        venster sluiten