Staal No. 0350A:Cocobolo
Botanische naam:Dalbergia sp. mog. D. hypoleuca Pittier
Familie:Fabaceae
Nat. verspr. geb.:M.Amerika
Vol. massa:900-1250 kg/m3
Andere namen:cocobola, nambar, nambar de aqui, nnambar, cocobolo negro, Costa Rica rosewood, Nicaragua rosewood, granidillo
Algemeen:Boomgegevens: Vrij kleine boom.
Techn. gegevens:Spint zeer smal lichtgeel tot grijswit, scherp gescheiden van het kernhout dat zeer gevarieerd van kleur is: zacht geel tot donker roodbruin, nadonkerend tot diep donkerrood met donkere strepen. Het is fijn van nerf, wat golvend of warrig van draad. Het is zeer hard en zwaar, radiaal moeilijk te splijten, duurzaam.
Goed te bewerken en fraai af te werken, het lijmen gaat heel moeiljik. Het fijne splijtstof tast de huid aan.
Gebruik:Alleen het kostbare kernhout is van belang. Het wordt gebruikt voor de vervaardiging.van mesheften, handvaten van gereedschappen, schaakfiguren houten kralen, knopen, byouteriedoosjes, fijne borstels, stuurwielen, inlegwerk, delen van blaasinstrumenten, wetenschappelijke instrumenten, enz.
Opmerking:Tot Cocobolo worden deze Dalbergia's gerekend:
D. granadillo Pittier D. hypoleuca Pittier
D. laevigata Standl. D. retusa Hemsl.
Historie: Dit is heel onduidelijk. Ik heb twee verschillende groepen stalen (een gefineerd staal niet meegerekend), één groep massieve stalen met het te verwachten stempel en één groep met een later stempel, met een handgemaakte A. De eerste groep lijkt het meest talrijk. De beide massieve stalen zijn hoogstwaarschijnlijk geen cocobolo, hoewel het overduidelijk wel Dalbergia's zijn. Een prominente kandidaat voor de identiteit van deze stalen is D.tucurensis Donn.-Sm. het granadillo rojo.
[pakket 61, maart 1969]

afdrukken        venster sluiten